Het slot van Schagen.

(Ben Dijkhuis, Bernd Ooijevaar)

De heren en vrouwen van Schagen en eigenaars van het Slot:


Jacoba van Beieren (1401-1436). Gravin van Holland en Zeeland in 1417. 16e eeuwse kopie van een anoniem schilderij (ca. 1435).
(Amsterdam, Rijksmuseum).
Blijkens archeologisch onderzoek heeft op de plek van het latere slot Schagen al omstreeks 1200 een houten curtis gestaan, omgeven door een wal en een gracht. Mogelijk werd dit gebouwencomplex later in de 13e eeuw vervangen door een stenen woontoren. Albrecht van Beieren zou deze toren hebben verbouwd tot een stenen huis (Lit. 79, C. Bertram). Op 29 juni 1427 werd Willem, bastaardzoon van graaf Albrecht van Beieren, door Philips de Goede beleend met de heerlijkheid Schagen. Op 24 augustus 1426 was hij reeds door Philips de Goede aangesteld tot baljuw van Kennemerland en West-Friesland en tot kastelein en baljuw van Medemblik, als opvolger van de Kennemer edelman Ghijsbrecht van Rietveld. Hij zou dit ambt bekleden tot 1438. Het is aannemelijk dat hij in deze periode voornamelijk op het kasteel van Medemblik verbleef.
Op 4 maart 1430 bevestigde Jacoba van Beieren het in 1427 door Philips uitgegeven leen en werd dit leen vermeerderd met renten, tienden en toebehoren. In 1435 werd de gift van de kappellerij en de kerk en visserij van de Schager- en Niedorper Kogge aan het leen toegevoegd. Op 30 januari 1452 volgde het huis ('getimmerd' door Willem) met de hofstede en 6 geersen land. Willem droeg toen het huis uit eigen goed over aan de grafelijkheid en werd er vervolgens direct mee beleend. Vanaf deze tijd is het slot van Schagen een onderdeel van het gehele leen. In 1466 werd het leen nogmaals vermeerderd met 5 geersen land gelegen bij het huis en in 1592 volgde de 'oosterhofwoning en boomgaard', de 'westerhofwoning', het 'noorderhofwoninkje', de 'boomwoning' en 27 snezen land rond het huis (Lit. 72, J.C.Kort).

Lithografie. Het kasteel van Schagen in volle glorie.
In: J. van Lennep, W.J. Hofdijk; Merkwaardige kasteelen in Nederland.

[Naar boven]

Willem genoot veel aanzien en bekleedde veel vooraanstaande functies. Ondanks al zijn drukke bezigheden ging hij tweemaal naar het Heilige Land, vanwaar hij twee marmeren zuilen meebracht, die in de schouw van de grote zaal in het kasteel te Schagen werden gemetseld.

Het wapenschild van 'van Beieren-van Schagen'.
(Tekening: Ben Dijkhuis).
Willem stierf in 1473 en werd in hetzelfde jaar opgevolgd door zijn zoon Albrecht van Schagen. Albrecht had een twijfelachtige reputatie omdat hij in zijn eigen kasteel belegerd werd. Omdat hij weigerde aan zijn eigen broers hun erfdeel uit te keren, werd er een uitspraak gedaan door het Hof van Holland. Dit vonnis werd door Albrecht genegeerd, waarop Philips van Wassenaar met een leger naar het Schager Slot trok. Het kasteel werd zonder slag of stoot ingenomen, waarna Albrecht gearresteerd werd en gevangen werd gezet in Gevangenpoort in 's Gravenhage, daarna werd zijn gevangenisstraf in Medemblik voortgezet totdat hij daar in 1480 stierf.

Gedurende vele generaties bleef het Slot Schagen in het bezit van het geslacht (van Beieren) van Schagen.

Na de dood van Albrecht in 1480 werd zijn dochter Josina beleend met de heerlijkheid van Schagen. Zij heeft een jaar voor haar dood in 1543, Schagen overgedragen aan haar neef Jan van Schagen. Jan stierf vrijwel direct na zijn belening, zodat Josina hem net overleefde.

Het Slot van Schagen als executieplaats.

De beweging van de protestantse Hervorming werd in West-Friesland o.a. geleid door Willem Wiggerz. uit Barsingerhorn. Hij werd in 1534 het Slot te Schagen opgesloten en werd na acht dagen op het voorplein "met het sweert gerecht en onthoofd". Een ander leider; Gerrit Claessen werd in 1534 in Amsterdam terechtgesteld.

[Naar boven]
Het positie van het Schager Slot aan het einde van de 16e eeuw.
(Collectie: Universiteit van Leiden)


Jan's zoon: Willem van Schagen erfde de heerlijkheid Schagen en het slot maar genoot niet lang van zijn bezit want ook hij stierf vroeg (1548).
Zowel Willem en zijn zoon Johan van Schagen kozen partij voor de Spaanse bezetters. Nadat de Spaanse vloot in 1573 tijdens de slag op de Zuiderzee (waaraan ook Johan meedeed) werd verslagen, werd het kasteel in Schagen bezet door Diederic van Sonoy, de plaatsvervanger van Willem van Oranje in de noordkop van Holland.

Diederic Sonoy (1529-1597), 'Didrich Sonoy Gouverneur van Noort Hollant en Waterlant'.
(Regionaal Archief Alkmaar, PR 1001846).
Bij de komst van Diederic van Sonoy in het Schager Slot brak er een bloedige episode aan in de geschiedenis van het kasteel. Sonoy had van de Staten van Holland opdracht gekregen om streng op te treden tegen uitingen van het katholieke geloof. Net zoals Alva hield hij er een waar schrikbewind op na. Eerst stelde hij een rechtbank in Alkmaar, die later gevestigd werd op het Slot van Schagen. Deze Noordhollandse 'Bloedraad' sleepte vele Westfriezen naar de martelkamer. Velen moesten hun katholieke geloof bekopen met de de dood. Na ingrijpen van Willem van Oranje werd hier een einde aan deze praktijken gemaakt. De prins benoemde een commissie van onderzoek, die de zaak voorlegde aan het Hof van Holland, die in een vonnis de nog in leven zijnde beklaagden vrijsprak. Ook vanwege zijn wreedheid verloor Sonoy de steun van stadhouder Maurits en vertrok naar Engeland.

De sloteigenaar Johan van Schagen koos uiteindelijk partij voor Oranje en kreeg daarna een hoge functie bij de Staten van Holland. Hij stierf in 1618, waarna hij werd opgevolgd door zijn zoon Albrecht van Schagen, die op zijn beurt de heerlijkheid Schagen naliet aan zijn zoon Willem van Beieren van Schagen, die daarmee de laatste van de familie was, die Schagen bezat. Vanwege grote schulden was hij genoodzaakt om de heerlijkheid Schagen te verkopen. Deze verkoop vond plaats in Den Haag in 1658 voor een, destijds gigantisch, bedrag van f 263.000.

Roelof Roghman: Het Slot te Schagen (1646-1647).
Willem van Schagen overleed twee jaar later in september 1660. De nieuwe eigenaar van het Slot te Schagen was George van Cats. Vanwege zijn huwelijk met Justina van Nassau had hij ooit de eer om prins Willem III en zijn gevolg op zijn kasteel te mogen ontvangen. George liet het kasteel min of meer verwaarlozen. Ook de stenen poorten werden afgebroken en vervangen door houten poorten.

Ten tijde van George Cats was het kasteel geheel omringd door een gracht, gelegen tussen boomgaarden en royaal aangelegde tuinen en beplante lanen. De voorburcht bevond zich aan de noordzijde.

[Naar boven]

In 1675 werd de heerlijkheid Schagen, inclusief het slot openbaar in Schagen geveild. De hoogste bieder was Pieter Cornelisz. Gortmolen die een bedrag wilde neertellen van f 57.000 . Toch ging de koop niet door, waarna, in 1676 opnieuw werd geveild in Den Haag. Voor het bedrag van f 170.000 werd een nazaat van de oorspronkelijke familie: Floris Carel van Beieren, graaf van Warfusé de nieuwe eigenaar.

Floris' zoon en opvolger Dirk Thomas sneuvelde in 1706. Zijn zuster Maria Isabella was getrouwd met Jan Frans Paul Emil, comte d'Oultremont et Han sur Lesse. Deze Jan Frans Paul Emil erfde de heerlijkheid Schagen en het kasteel. Omdat het echtpaar niet het Slot van Schagen bewoonde, maar verblijf hielden in België, raakte het kasteel in verval.

De familie d'Oultremont liet totaal acht portretschilderingen, vanuit het Schager slot, naar hun residentie in België verplaatsen. Het is aannemelijk dat dit reeds voor 1799 gebeurde. Uiteindelijk kwamen de schilderijen in Brussel terecht. (noot 1)(noot 2)(noot 3)

Twee tekeningen van het Slot van Schagen van C. Pronk en H. Spilman.
Hendrik Spilman (1721-1784) naar Cornelis Pronk (1691-1759):
boven: 't SLOT te SCHAGEN van voren. 1726;
onder: 't SLOT te SCHAGEN van agteren met de KERK. 1726
Het Verheerljkt Nederland of Kabinet van hedendaagsche gezigten (1745-1774).
(Facsimile 1964. Europese Bibliotheek, Zaltbommel).

Tijdens de inval van de Russen en Engelsen in 1799 had een deel van de troepen intrek genomen in het kasteel. Dit had tot gevolg dat het kasteel werd vernield. In 1820 werd het vernielde kasteel gesloopt. De marmeren zuilen uit de schouw, die ooit door Willem de Bastaard uit Afrika waren meegenomen werden gered en naar Brussel overgebracht (noot 3). Andere (vierkante) zuilen werden in de kerk van Schagen bewaard. Nadat de graaf van Merode deze in 1821 opeiste, werden ook deze naar Brussel afgevoerd. Een stuk marmer van de schoorsteen, die door de Engelsen in elkaar was geslagen was in Schagen achtergebleven. Dit stuk marmer is echter verdwenen. Ook het archief verdween naar Brussel. Pas nadat de eigenaars er geen belangstelling meer voor hadden werd het aangekocht door het Rijksarchief in Noord-Holland.

Schilderij van Cornelis Bok: De ruïne van het Slot van Schagen.Old Schagen Castle: a picture postcard.
Schilderij van Cornelis Bok (1777-1836): De ruïne van het Slot van Schagen.
(Historische Vereniging Scagen)
Het Oude Slot van Schagen
(Prentbriefkaart. Lit. 5, J.W. Groesbeek)

In 1827 werden de restanten van het kasteel gesloopt. Dankzij het ingrijpen van de gemeente Schagen bleven de twee ronde hoektorens gespaard. De westelijke toren werd (tot zelfs in de eerste wereldoorlog) in gebruik genomen als passanten-gevangenis , terwijl de oostelijke toren werd verbouwd als cipierswoning. Cornelis Bok (1777-1836) was omstreeks 1830 cipier in de passanten-gevangenis en woonde in de oostelijke slottoren. Hij heeft als schilder en tekenaar veel in Schagen en omgeving getekend.

Op het kasteelterrein werd een begraafplaats aangelegd en op het voorplein een kolfbaan. De beide torens zijn in 1931 gerestaureerd. Ze zijn beide voorzien van een rondboogfries en zijn voorzien van spitsen met leien gedekt.

De oostelijk hoektoren AD 2000, vóór de herbouw.
De oostelijk hoektoren in AD 2000, vóór de herbouw.
(Foto: Ben Dijkhuis)

In de negentiger jaren van de vorige eeuw is het plan geopperd tot de herbouw van het Slot Schagen. De burgemeester van Schagen, J. van de Langenberg heeft bij deze plannen een voortrekkersrol vervuld. Deze herbouw betekent geen complete restauratie van het oorspronkelijke kasteel, wel zal het oorspronkelijke uiterlijk tot basis dienen. Architect Wil Schagen, uit Nieuwe Niedorp, heeft op verzoek van de Initiatiefgroep 'Slot Schagen' een ontwerp gemaakt met een verwijzing naar het verleden. Hierbij is gebruik gemaakt van een neostijl, die bewust verwijst naar de gotiek en een robuust materiaalgebruik. Bij het geheel worden beide oorspronkelijke hoektorens in het geheel geïntegreerd.

Naast de Gemeente Schagen werd dit project mede gefinancieerd door de Provincie Noord-Holland, het Economisch Stimuleringsprogramma Kop & Munt, alsmede met fondsen en bijdragen. Het doel van dit project bestond uit de reconstructie van het voorplein en de slotgracht en het opnieuw optrekken van het slotgebouw.

Overigens werden er veel bezwaren geuit, vooral door oudere Schagenaars. Het voornaamste punt van kritiek was, dat het voorgestelde bouwplan geen recht deed aan de historie van het kasteel. Veel mensen wensten dan ook dat het kasteel in oorspronkelijke glorie zou worden herbouwd.

De herbouw in volle gang De herbouw in volle gang
De herbouw in volle gang in 2001. (Foto's: Ben Dijkhuis)

In 2001 is een begin gemaakt met de bouwactiviteiten. Gedurende de beginfase hiervan zijn op het slotterrein door oudheidkundigen van de Archeologisch Diensten Centrum (ADC) uit Bunschoten opgravingen verricht. Talloze scherven van gebruiksvoorwerpen en serviesgoed uit de 17e werden gevonden. Men ontdekte ook dat de slotgracht zich zeker tot twee meter onder de huidige Torenstraat uitstrekte. Daar zijn nóg oudere scherven gevonden, maar ook sporen van riet en beschoeiing.
Naast deze vondsten zijn in 2002 ook de funderingen van de brugpijlers van de kolossale boogbrug gevonden, alsmede een oude kademuur en een keldertje onder de oostelijke hoektoren.

Slot Schagen in volle glorie Slot Schagen in volle glorie
Het Slot Schagen volledig herbouwd in 2003.
De brug over de slotgracht, gedragen op de funderingen van de oorspronkelijke brugpijlers Fundering van een originele brugpijler
De brug over de slotgracht, gedragen op de funderingen van de oorspronkelijke brugpijlers.Fundering van een originele brugpijler.
(Foto's: Jantine Leeflang).

De realisatie heeft uiteindelijk in september 2002 plaatsgevonden. Slot Schagen werd op 5 september 2002 officieel geopend door de Commissaris van de Koningin van Noord-Holland de heer mr. H.C.J.L. Borghouts.

In het slotgebouw is plaats voor publiekstoegankelijke ruimten, het VVV-kantoor, alsmede 15 hotel-appartementen.


Voetnoten:

1. Zeer waarschijnlijk het pand Brederodestraat 21, Brussel. Vanaf 1826 was dit het verblijf van d'Oultremonts. Tegenwoordig het onderkomen van de Koning Boudewijnstichting
2. Er zijn totaal tien portretschilderijen naar Brussel gegaan. Twee portretten zijn van Anna van Assendelft (-1590) echtgenote van J. van Schagen en Jacoba van Beieren (1401-1436), Gravin van Holland. Deze zijn beschreven in de Iconographia Batava van E.W. Moes (resp. nrs. 2126 en 3960). De zes overigen zijn in de Iconographia abusievelijk twee keer opgenomen onder twee familienamen, namelijk die van Van Bronckhorst en van Van den Boeckhorst. (Lit. 146, E.W. Moes) De kans is zeer groot dat alle geportretteerden Van Bronkhorsten zijn. De wapenschilden kunnen hiervoer uitsluitsel geven als de portretten zijn gevonden. (met dank aan dhr. H. Salman).
Een overzicht uit Iconographia:
759. Adriaan van den Boeckhorst, 16e eeuw, maker anoniem.
760. Joost van den Boeckhorst, Heer van Bleyswyck, maker anoniem.
761. Maria van den Boeckhorst , ambachtsvrouw van de stad, maker anoniem.
762. Nicolaes van den Boeckhorst 17e eeuw, maker anoniem.
763 N. van den Boeckhorst, Geestelijke te Oudwijk, maker anoniem.
764. Willem van den Boeckhorst (-1559), In 1554 als Jeruzalemvaarder, maker anoniem.

1144. Adriaen van Bronckhorst 16e eeuw, maker anoniem.
1159. Joost van Bronckhorst Heer van Bleiwijk, Rekenmeester te 's Gravenhage (16e eeuw), maker anoniem.
1160. Maria van Bronckhorst Ambachtsvrouw van de stad (17e eeuw), maker anoniem.
1162. Nicolaes van Bronckhorst Heer van de stad (-1618), maker anoniem. 1163. N. van Bronckhorst Geestelijke te Oudwijk, maker anoniem.
1166. Willem van Bronckhorst (-1559), In 1554 als Jeruzalemvaarder, maker anoniem.

3. In dit verband kan nog gemeld worden dat het volgende archiefstuk zich in het archief te Haarlem bevindt:
'Inventaris der geschilderde pourtraiten op het Oost pavillone van het Kasteel te Schagen, behoorende aan de Hoog Edelen Geboorenen Heeren van Schagen' en 'Verklaring van de marmeren schoorsteen die gestaan heeft in de groote zaal op het Kasteel te Schagen', begin 19e eeuw, 6 pag., met afschrift uit 1866.

Geraadpleegde bronnen en literatuur:
(Lit. 3, D. Kransberg, H. Mils)
(Lit. 5, J.W. Groesbeek)
(Lit. 22,24,25,26,28)
(Lit. 44 ,P. Zethoven)
(Lit. 45,46)
(Lit. 49,50,51,52)
(Lit. 65, A. Janse)
(Lit. 72, J.C.Kort)
(Lit. 79, C. Bertram)
(Lit. 146, E.W. Moes)

www:
www.archieven.nl.

[Naar boven][Home]
[De omgeving van het Slot Schagen][De heren/vrouwen van Schagen]
(Onderstaande link breekt aktieve frames!)
[Huidige pagina]


Meer over het Slot van Schagen. Met foto's van vóór en na de restauratie. (Situatie 2000-2002)